Taken en werkwijze van het Adviescollege
De taken en werkwijze van het Adviescollege zijn vastgelegd in het Besluit Adviescollege levenslanggestraften. Een en ander is verder uitgewerkt in het Reglement voor de werkwijze.
De vier taken van het Adviescollege
Het Adviescollege heeft vier taken.
- Adviseren voor welke re-integratieactiviteiten een levenslanggestrafte in aanmerking komt;
- Het naar aanleiding van de start van een gratieprocedure informeren van de staatssecretaris over de voortgang van de resocialisatie- en re-integratieactiviteiten van de levenslanggestrafte in die gevallen waarin het Adviescollege eerder een advies heeft uitgebracht zoals bedoeld onder a;
- Het op verzoek van de staatssecretaris adviseren over het aanbieden van re-integratieactiviteiten;
- Het informeren van de staatssecretaris op zijn verzoek over de voortgang van de resocialisatie en re-integratieactiviteiten van de levenslanggestraften in andere gevallen dan bedoeld onder b.
Werkwijze
Het Adviescollege betrekt alle relevante onderzoeken en dossiers bij de voorbereiding van het advies:
- Het volledige detentiedossier;
- Het strafdossier;
- Gedragskundige rapportages, waaronder pro Justitia rapportages en rapportages van de reclassering;
- Gratiedossiers;
- Medisch dossier voor zover dat door de levenslanggestrafte wordt aangeleverd;
En na de uitgevoerde onderzoeken die in het kader van het adviestraject worden uitgevoerd:
- De rapportage van het NIFP na observatie in het Pieter Baan Centrum;
- Het reclasseringsadvies;
- Het slachtoffer- en nabestaandenonderzoek door Slachtofferhulp Nederland;
- Veiligheidsinformatie.
Als het dossier voor de beoordeling en advisering door het Adviescollege volledig is, houdt het Adviescollege zittingen voor het horen van:
- De rapporteurs van het PBC en de rapporteurs van de reclassering die gerapporteerd hebben in het kader van het adviestraject;
- De vestigingsdirecteur van de PI waar de levenslanggestrafte verblijft en de casemanager en mentor van de levenslanggestrafte;
- Overige deskundigen of informanten van wie de inbreng van belang kan zijn in verband met de zorgvuldige voorbereiding en totstandkoming van de adviezen;
- De betrokken slachtoffers en nabestaanden, indien zij dit willen;
- De levenslanggestrafte zelf.
De hoorzittingen zijn niet openbaar. Na de hoorzittingen beraadslaagt en besluit het Adviescollege in een zogeheten casusvergadering over de uit te brengen adviezen.
Hoe komt het advies tot stand?
Het Adviescollege hanteert bij zijn advisering vier criteria:
- Het recidivegevaar;
- De delictgevaarlijkheid;
- Het gedrag en de ontwikkeling van de levenslanggestrafte gedurende zijn detentie;
- De impact op de slachtoffers en nabestaanden en in de sleutel daarvan de vergelding.
Bij het laatste criterium neemt het Adviescollege als algemeen uitgangspunt dat aan het standpunt van de slachtoffers en nabestaanden in beginsel geen doorslaggevende betekenis toekomt bij het beantwoorden van de vraag of al dan niet re-integratieactiviteiten aangeboden moeten worden, hoe invoelbaar de emoties van slachtoffers en nabestaanden ook zijn. De focus ligt bij dit criterium op eventuele beschermingsbehoeften in het geval van vrijheden, zoals een locatie- of contactverbod.
Bij het uitbrengen van een advies ontvangt het Adviescollege geen aanwijzingen van de staatssecretaris over de te hanteren methodiek, zijn oordeelsvorming en advisering. Het Adviescollege is met andere woorden onafhankelijk. Het advies wordt slechts uitgebracht aan de staatssecretaris. Er worden geen afschriften aan derden verstrekt, de adviezen zijn niet openbaar.
Het besluit van de bewindspersoon: en daarna?
Als het Adviescollege adviseert geen re-integratieactiviteiten aan te bieden, beslist de staatssecretaris in overeenstemming met het advies. Wanneer het Adviescollege adviseert om wél re-integratieactiviteiten aan te bieden kan de staatssecretaris alleen gemotiveerd (onderbouwd met redenen) een ander besluit nemen.
Tegen beslissingen over de daadwerkelijke uitvoering van resocialisatie- en re-integratieactiviteiten, zoals verlof, staat bezwaar en beroep dan wel beklag en beroep open. Dit is mogelijk op grond van de Penitentiaire beginselenwet. De Commissies van Toezicht en de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) behandelen respectievelijk de beklag- en de beroepsprocedures. Tegen een besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, genomen naar aanleiding van een advies van het Adviescollege om te starten met re-integratieactiviteiten, staat een procedure open bij de civiele rechter.
Het Adviescollege bepaalt in het advies aan de staatssecretaris wanneer het een vervolgadvies zal uitbrengen. Voor dat vervolgadvies vraagt het Adviescollege actuele informatie op bij relevante instellingen en personen. Als de betrokkene na het eerste advies is toegelaten tot de re-integratiefase, wordt daarbij ook gevraagd naar de voortgang van deze fase en de aangeboden re-integratieactiviteiten.
De ambtshalve gratieprocedure en de informerende rol van het Adviescollege
Na 28 jaar detentie vindt de ambtshalve gratieprocedure plaats. Tot 1 juli 2023 was dit 27 jaar na start van de detentie. Gratie is in Nederland het instrument om te beoordelen of met het voortzetten van de tenuitvoerlegging van de levenslange gevangenisstraf nog een legitiem (straf)doel wordt gediend en dus of de door de rechter opgelegde levenslange gevangenisstraf al dan niet kan worden verkort. Dat de gratieprocedure ambtshalve wordt gestart wil zeggen dat de Staat (eenmalig) het initiatief daartoe neemt. Dit gebeurt door middel van een voorstel tot gratieverlening als bedoeld in artikel 19 van de Gratiewet.
In het kader van de ambtshalve gratieprocedure informeert het Adviescollege de staatssecretaris over de voortgang van de resocialisatie- en re-integratieactiviteiten. Het Adviescollege heeft hierbij dus geen adviserende rol. Na advies van de rechtsprekende macht en het openbaar ministerie neemt de staatssecretaris namens de Kroon een beslissing over gratie.
Een levenslanggestrafte kan ook zélf een gratieverzoek indienen, onafhankelijk van de vraag of het adviestraject bij het Adviescollege of de ambtshalve gratieprocedure al heeft plaatsgevonden of niet. Wanneer een levenslanggestrafte zelf een gratieverzoek indient staat dit los van een adviestraject bij het Adviescollege.